Onze analyse - Verkiezingsprogramma Vlaams Belang

08.05.2019

Het verkiezingsprogramma van Vlaams Belang klopt af op 100 pagina’s. 

Voor Vlaams Belang is de huidige staatsstructuur onhoudbaar en pleit dan ook voor een ‘vrij Vlaanderen’. De federale staat is een mislukking en leidt tot een uitermate ingewikkelde en inefficiënte staatsstructuur. Op vlak van mobiliteit vraagt Vlaams Belang bijgevolg een splitsing van het spoorbeleid tussen Vlaanderen en Wallonië.
Massamigratie heeft volgens Vlaams Belang een impact op heel wat beleidsdomeinen en ligt mee aan de basis van de stadsvlucht en almaar langere files.

Verminderen

Het Vlaams Belang is van oordeel dat we spaarzaam moeten omspringen met de open ruimte die ons nog rest. In plaats van Vlaanderen steeds verder te verkavelen en vol te bouwen, moeten jonge mensen aangemoedigd worden zich te vestigen in stads- en dorpskernen.

Voor het Vlaams Belang is er een link tussen mobiliteit en ruimtelijke ordening, maar is deze ondergeschikt aan het belang van immigratie: “De overbevolking, de stadsvlucht, de aanslag op de open ruimte en zelfs het fileprobleem staan allemaal in meer of mindere mate in een bepaalde relatie tot het immigratievraagstuk. Een beleid dat onze schaarse open ruimten beschermt en een goede ruimtelijke ordening nastreeft, moet werk maken van het stoppen van de massa-immigratie. Vlaanderen is vol!”

Verschuiven

Vooral een performant openbaar vervoer lijkt voor Vlaams Belang belangrijk, want “Vlamingen zijn bereid het openbaar vervoer te nemen. Zeker in de steden zien zij daarin een alternatief voor het filerijden”, maar het openbaar vervoer is “momenteel te beperkt om zich vlot te verplaatsen”. Daarvoor haalt het Vlaams Belang de steeds slechter wordende stiptheidscijfers, lagere reizigerstevredenheid en slecht imago aan.

Vlaams Belang “pleit voor een goed ontwikkeld, comfortabel en veilig openbaar vervoersnetwerk”, “meer investeringen in degelijke spoorweginfrastructuur”, een betere combinatie die de verschillende vervoerwijzen efficiënter maakt, “meer randparkings die met vlotte tram-, metro- en buslijnen in verbinding staan met de stadcentra”.

Ook de combinatie openbaar vervoer en fiets wordt niet uit het oog verloren: “Bussen en trams moeten erop voorzien zijn dat gewone fietsen meekunnen zonder extra kostprijs.”

Volgens het Vlaams Belang moet in en rond onze steden “belangrijke bus- en tramlijnen heel de nacht bediend worden”.

Enerzijds moet het spoorbeleid gesplitst worden tussen Vlaanderen en Wallonië, maar tegelijk moet de tweeledige structuur van de spoorwegen afgeschaft en één autonoom overheidsbedrijf opgericht.

Qua (verkeers)veiligheid vraagt het Vlaams Belang betere en veiligere fietspaden “naar Nederlands model”, meer aandacht voor motorrijders (wegmarkeringen en vangplanken) en “afzonderlijke rijstroken voor bestemmingsverkeer”.

Vlaams Belang is geen voorstander van een algemene zone 30: “zones met snelheidsbeperkingen van 30 km per uur moeten doordacht worden afgebakend. Ze moeten beperkt worden tot gevoelige punten”.

Een moedige, maar minder evidente keuze is het “verminderen van het aantal kruispunten”.

Verschonen

Vlaams Belang wil “positieve stimulansen voor het autoverkeer” door het terugvloeien van de fiscale inkomsten, zoals meer onderhoud en nieuwe wegen, maar ook kwalitatief openbaar vervoer en een milieuvriendelijker wagenpark (schrootpremie). “De aanleg van bijkomende infrastructuur om drukke wegen te ontlasten of om nieuwe extra verbindingen te voorzien, is voor het Vlaams Belang geen taboe”.

Vlaams Belang wil het systeem van de bedrijfswagens afbouwen, “op voorwaarde dat niemand er financieel op achteruit gaat”.

De kilometerheffing voor personenwagens is een no go voor het Vlaams Belang en kiest voor een wegenvignet “om buitenlandse automobilisten te laten meebetalen aan het onderhoud van onze weginfrastructuur”.

Lage-emissiezones treffen volgens Vlaams Belang vooral de sociaal zwaksten en bijgevolg “geen lage-emissiezones (LEZ’s) in onze Vlaamse steden en gemeenten”.

Gedeelde mobiliteit ziet Vlaams Belang wel als oplossing: “Deelsystemen voor milieuvriendelijke wagens en andere vervoersmiddelen verminderen de nood aan een eigen of tweede wagen en zullen fors aan populariteit winnen wanneer Vlaanderen de uitbouw coördineert en faciliteert. Een toename van het autodelen kan er ook toe bijdragen om de parkeerdruk in onze steden en gemeenten te verminderen.”