Voedselwoestijnen, ook bij ons?

Voedselwoestijn is een term overgewaaid uit de Verenigde Staten. Het is een gebied waar de beschikbaarheid van vers, gezond en betaalbaar voedsel beperkt is. Voedselwoestijnen bestaan zowel in steden als in landelijke gebieden. In de stedelijke case zijn het vaak achtergestelde wijken waar enkel junk food te krijgen is omdat voedselwinkels en supermarkten er weggetrokken zijn. In landelijke gebieden is het aangeboden voedsel vaak beperkt tot ongezonde snacks in benzinestations.

 

buurtwinkel Rio de Bio - Utrecht

Foto: Rio de Bio in Utrecht door FaceMePLS [CC BY 2.0]

 

Gevolgen voedselwoestijn

De negatieve impact op de volksgezondheid die ontstaat doordat ongezond eten leidt tot obesitas en andere aandoeningen wordt in verschillende studies geanalyseerd. Toch een kleine kanttekening: recent onderzoek gaf aan dat een gedegen bewustmaking rond gezond eten misschien effectiever is voor een gezonde levensstijl dan de aanwezigheid van een voedselwinkel.

 

Voedselwoestijnen leiden ook tot verdere verplaatsingen, waarbij de grote afstand naar een (voedsel)winkel leidt tot meer (auto)mobiliteit. Winkelen is verantwoordelijk voor ongeveer een kwart van alle verplaatsingen en heeft dus een belangrijke impact. De nabijheid van voedselwinkels is ook belangrijk om actieve verplaatsingen aan te moedigen, belangrijk voor de gezondheid, zeker bij bepaalde doelgroepen, zoals ouderen

 

Bereikbaarheid van voeding

In Vlaanderen is nog maar beperkt onderzoek uitgevoerd naar dit thema, een rapport van Cant, Vanoutrive en Verhetsel uit 2014 is de belangrijkste bron. Bereikbaarheid van voeding is cruciaal stelt het onderzoek, ten eerste omdat het levensnoodzakelijk is en ten tweede omdat het zeer frequent moet worden aangekocht.

 

Ruimtelijke ordening is in Vlaanderen de belangrijkste parameter voor de bereikbaarheid van voedselwinkels. Buurten in of bij de stads- of gemeentekernen liggen vaak op wandelafstand van een voedselwinkel, terwijl de bereikbaarheid van voedselwinkels in perifere wijken vaak laag is. In tegenstelling tot in de Verenigde Staten lijken socio-economische factoren minder grote rol te spreken, behalve voor wat betreft het mobiliteitsniveau.

 

Traditioneel waren voedselwinkels in stads- en dorpskernen gelokaliseerd. Vanaf de jaren 1970 zien we een verschuiving naar de rand, door schaalvergroting en veranderende winkelgewoontes. Het toenemend autobezit en –gebruik was daarbij een belangrijke factor.
Een tendens die we sinds midden jaren ’90 zien is een sterke daling van het aantal superettes en bedieningswinkels. Die werden op tien jaar (1996-2006) tijd gehalveerd ten voordele van de grotere supermarkten en de discounters. Die tendens blijft zich tot vandaag verder zetten en wordt nog versterkt door de opkomst van e-commerce.

 

handelaars in Vlaanderen

(bron grafiek: Unizo)

 

Vlaamse voedselwoestijnen?

In Vlaanderen lijkt er niet meteen een risico te bestaan op voedselwoestijnen, er is een historisch gegroeid uitgebreid netwerk van voedselwinkels. De gemeenten die veruit het slechtst scoren behoren tot de zones rondom de stad Antwerpen en Brussel waar de pendel sterk gericht is op de kernstad. Deze gemeenten hebben een zeer grote bevolkingsgroei gekend, maar die heeft zich niet vertaald in een groei van het aantal voedselwinkels. Deze wijken zijn ontwikkeld vanuit een voorruitperspectief: verplaatsingen gebeuren met de auto en winkelen gebeurt in baanwinkels met parkeerfaciliteiten. Een ander kenmerk is een lage bevolkingsdichtheid in deze villawijken die ontradend werkt voor investeringen in lokale voedselwinkels. Dit houdt een risico in ten gevolge van een verouderende bevolking en suburbanisatie van kansarmen.

 

De Winkelnota 2.0 van de Vlaamse Regering uit 2012 omvat een aantal richtlijnen voor een goed detailhandelbeleid, gericht op een goed aanbod op de geschikte locaties in combinatie met kernversterking. Ook het witboek Beleidsplan Ruimte Vlaanderen schuift het principe ‘wandelafstand tot basisvoorzieningen’ (zoals een buurtwinkel) naar voor.

 

Nieuwe trends in het verweer tegen voedselwoestijnen

Dankzij nieuwe trends lijkt het risico op het ontstaan van voedselwoestijnen in Vlaanderen klein. Enerzijds zorgen nieuwe technologieën voor oplossingen: thuisleveringen van voedsel (al dan niet besteld via een webshop) en mobiele winkels.

 

Anderzijds kan ook de sociale economie een belangrijke rol gaan spelen. In het West-Vlaamse dorp Beveren aan de IJzer verdween de afgelopen jaren alle commerciële en openbare dienstverlening. Het Dorpspunt pakt er de ontstane knelpunten aan. Het is zowel een buurtwinkel voor lokale producenten en landbouwers, een afhaalplek voor online-bestellingen, een ontmoetingsplek waar je kan binnenlopen voor een praatje als een mobiliteitshub (je kan er het openbaar vervoer nemen, je fiets laten herstellen, ...). De uitbating gebeurt door personen met een verstandelijke beperking. Dit concept is gebaseerd op DORV, een concept dat al meer dan 10 jaar bekend is bij onze oosterburen.

 

Het Dorpspunt in Beveren aan de IJzer won de Matexi award voor meest verbindende buurtinitiatief van België en haalde op 2 juni 2017 de 2e publieksprijs in de wedstrijd Radicale Vernieuwers

 

Dit artikel verscheen in de Nieuwsbrief Duurzame Mobiliteit 66 van 2 juni 2017.

MV 2-6-17