OVG 5.4: de conclusies in een notendop

26.03.2020

Dit artikel is de samenvatting van onze reeks over het Onderzoek Verplaatsingsgedrag (OVG 5.4 - cijfers grotendeels verzameld in 2018). Bekijk ook het overzicht van alle thema's.

 

OVG 5.4: Conclusies

Heb je geen tijd om alle cijfers en grafieken door te nemen? Speciaal voor jou: een beknopte samenvatting.
 

Voertuigen en rijbewijs

Vlaamse gezinnen hebben gemiddeld 1,19 auto’s en 2,3 fietsen. 82,15% van de gezinnen heeft minimaal één auto en 74,62% van de gezinnen één fiets.
Ondanks onderzoek met tegengestelde conclusies (we halen minder vaak en later ons rijbewijs) is er een stijging van het rijbewijsbezit in deze steekproef (OVG5.4: 84,04%, OVG 5.3: 83,34%, OVG 5.2: 80,50%).
Meer lezen
 

Verplaatsingen

De wet Behoud van Reistijd en Verplaatsingen (BReVer) wordt andermaal bevestigd: de Vlaming verplaatst zich gemiddeld 2,61 keer per dag gedurende 78 minuten.
Meer lezen
 

Verplaatsingsmotief

Recreatief verkeer blijft het voornaamste verplaatsingsmotief en is belangrijker dan alle functionele verplaatsingen samen (woon-werk, zakelijk en woon-school).
Meer lezen
 

Modal split

Koning Auto blijft het voornaamste vervoermiddel, zowel naar aantal verplaatsingen als naar aantal kilometer.
Het aandeel fiets (16,31% van alle verplaatsingen) is nog nooit zo hoog geweest in het OVG. Ook voor het aandeel in het aangelegde kilometer haalt de fiets het hoogste aandeel sinds OVG 5.2 (het jaar 2000).  
Meer lezen
 

Woon-werkverkeer

De auto blijft het populairste vervoermiddel voor woon-werkverkeer: 60,39% als bestuurder en 2,64% als passagier. Op ruime afstand volgt de fiets met 17,89% (waarvan 3,88% e-fietsers). Er is een (statistisch niet significante) daling van zo’n 8% van het autogebruik ten opzichte van OVG 5.3. Dat aandeel ging vooral naar de (e-)fiets (+4,35%) en de trein (+1,84%).
Makkelijk en gratis parkeren in de buurt van de werkplaats zorgt ervoor dat de auto het meest gebruikte vervoermiddel is. Die conclusie kun je waarschijnlijk doortrekken naar andere verplaatsingsmotieven.
Meer lezen
 

Type woonplaats

Autobezit ligt het hoogst in buitengebied en fietsbezit in ‘structuurondersteunend kleinstedelijk gebied’.
Het buikgevoel dat het rijbewijsbezit in steden lager ligt dan in landelijke gebied wordt bevestigd. Het rijbewijsbezit in het Vlaams stedelijk gebied rond Brussel ligt het hoogst (89,96%)
Wat aantal verplaatsingen betreft zien we dat alle gebieden dicht bij het gemiddeld aantal verplaatsingen aanleunen. Opvallend is dat inwoners van het Vlaams stedelijk gebied rond Brussel en centrumgemeenten van het grootstedelijk gebied zich verder verplaatsen dan gemiddeld.
De auto (Vlaams gemiddelde: 62,91%) heeft het laagste aandeel in de centrumgemeenten van het grootstedelijk gebied (39,76%). De fiets (inclusief e-fiets, Vlaams gemiddelde: 16,24%) scoort vooral slecht in het Vlaams stedelijk gebied rond Brussel (0,57%!). De actieradius van de fiets vergroot ten gevolge van e-fietsen maar ook specifieke infrastructuur zoals fietssnelwegen. Het aandeel fiets in randgemeenten van grootstedelijk gebied illustreert dit: 23,52%.
Meer lezen

 

Vragen over het OVG? Nieuwsgierig naar cijfers en niet teruggevonden? Geeft gerust een seintje aan miguel@duurzame-mobiliteit.be!