De 15-minutenstad

22.10.2020

Het idee van de 15-minutenstad of -wijk is niet nieuw. Samengevat betekent het dat bewoners op 15 minuten (“density”) wandelen of fietsen (“design”) alle essentiële functies vinden: winkels, kantoren, scholen, gezondheidszorg, sport, cultuur en ontspanning (“diversity”).

15-minutenstad

Inleidend artikel: het ontstaan van steden en hoe ruimte en mobiliteit de stad beïnvloeden (lees verder onder het blokje)

 

Het fundament van de 15-minutenstad: Density, Diversity, Design

Nabijheid is het uitgangspunt van de 15-minutenstad. Elke voorziening vind je op een wandelafstand van 15 minuten. 
De 3 D’s van de stadsplanning (“Density, Diversity, Design”) vormen de pijlers van de 15-minutenstad, waarbij elk van deze 3 D’s een noodzakelijk onderdeel is. Zonder dichtheid worden de afstanden te groot, zonder mix van functies zijn niet alle voorzieningen aanwezig en zonder goed ontwerp van de openbare ruimte krijg je geen voetgangervriendelijke of ‘walkable’ stad. 
 

Diversity

Diversity is het uitgangspunt van de 15-minutenstad: op 15 minuten wandelen of fietsen vind je alle essentiële functies: winkels, kantoren, scholen, gezondheidszorg, sport, cultuur en ontspanning, … Monofunctionele kantoorwijken, slaapsteden of winkelcentra horen daar niet in thuis. Een pizza is nu eenmaal lekker door alle ingrediënten die erop liggen, ze allemaal apart opeten is helemaal niet smakelijk!

krier pizza

Bron: Léon Krier. De diverse stad als een pizza.
 

Density

Een hoge bevolkingsdichtheid wordt vaak als grootste nadeel van de stad gezien. Maar dichtheid realiseer je niet noodzakelijk of alleen door hoogbouw, je kunt dit ook op een kwalitatieve manier realiseren en met voldoende ruimte en aandacht voor groen en andere voorzieningen. Het tegendeel is zelfs waar. Hoe lager de dichtheid, hoe hoger het aandeel dat je moet voorbehouden voor harde infrastructuur zoals wegen en andere nutsvoorzieningen.

Een hogere bebouwingsdichtheid zorgt voor meer nabijheid en dat resulteert in meer verplaatsingen te voet en met de fiets. Daarnaast is het een voorwaarde voor efficiënt openbaar vervoer. Hoe hoger dichtheid van een stad hoe lager het autogebruik en vaak ook het autobezit. Bond Beter Leefmilieu bundelde 30 recepten voor kernversterking, met heel wat Vlaamse best practices.

Kernverdichting

Bron: Atelier Vlaams Bouwmeester

Design

De inrichting van de publieke ruimte heeft een sterke invloed op de bereikbaarheid. Wanneer een goede infrastructuur beschikbaar is (zoals aantrekkelijke trajecten voor voetgangers of veilige fietspaden voor fietsers) wordt ze vaker gebruikt. 

studio garage

Bron: jhmrad.com

Het lijkt een karikatuur, maar bovenstaande afbeelding toont een echt grondplan voor een appartement. De voorziene oppervlakte voor de auto(‘s) is groter dan die voor de mensen. En in onze steden is het al bijna net zo erg. De auto neemt er namelijk meer dan de helft van de openbare weg in.
 
De inrichting van een straat heeft een effect op hoeveel autoverkeer er is en die aanwezigheid van autoverkeer ook een impact op hoe we ons gedragen. In straten met veel autoverkeer zijn er minder sociale interacties dan in autoluwe straten. Of met andere woorden: hoe minder auto’s hoe levendiger en ‘leefbaarder’ (we horen liever de term leefkwaliteit) de straat, buurt, stad. Dat bleek onlangs ook uit het Straatvinken-onderzoek.  

sociale interacties

Bron: Donald Appleyard, Livable streets (artikel door Eric Britton)

Intermezzo: 15-minutenstad en andere maatschappelijke evoluties (lees verder onder het blokje)

 

De 15-minutenstad in de praktijk

Het concept van de 15-minutenstad zien we in de praktijk in heel wat verschillende vormen terugkomen. Maar niet al deze toepassingen gebeuren volledig in de geest van het concept 15-minutenstad. Denk maar aan verkeerscirculatieplannen, waarbij de stad wordt opgedeeld  in verschillende lobben. Of wijken die door metrostations ontsloten worden. Maar het niveau van de voorzieningen wordt niet altijd in elke lob of wijk voldoende bewaakt. Dat is een groot risico en een fout uit het verleden die we niet opnieuw mogen maken. Denk maar aan de Noordwijk in Brussel die ‘s nachts volledig verlaten is. Het mengen van functies ("diversity") is met andere woorden onontbeerlijk om van een 15-minutenstad te kunnen spreken.